‘Wees heerser over je broers’ (Genesis 27)

Gebruikte Bijbel

Op de zondag geen profane boodschappen. Dan lezen we uit de Heilige Schrift, Het Boek zonder welk er geen Westerse cultuur was geweest.

Vorige zondagspreek zagen we de vijandschap ontstaan tussen Jacob en Ezau, waarin laatstgenoemde voor wat vlees zijn eerstgeboorterecht wilde offeren. Vandaag in Genesis 27 flikt Jacob zijn broer Ezau de streek van zijn leven, op aanstichten van zijn moeder Rebekka.

Zo wordt het liegende moederskindje Jacob dan de stamvader van Israel, gezegend door zijn vader Izak, terwijl Ezau als jaloerse kwaaie peer de Bijbelse geschiedenis in gaat.

Abdij met ‘ommuurde tuin’ = het Paradijs

Bijbels restaurant De Abdij
Wij aten hier op De Abdij net een beetje geitenbok dat we bestelden bij de Streekboer, dat net als lamsvlees smaakt mits je het niet droog kookt. Het enige wat je naast ingredienten nog nodig hebt is een vrouw, die dat leuk vindt om klaar te maken en die dat ook kan.

Mijn vrouw Afke, zuster van De Abdij van de Orde der Autisten kan ook goed linzensoep maken, dus je kunt zo een restaurant beginnen met Bijbelse gerechten.

Volgens haar kun je geitenbok niet bakken, maar alleen stoven.

Vlakbij ons zit ook nog eens wijnboer ‘Nij Abdij,’ de Friese wijngaard op boerderij De Heidepleats. Daar kun je eigen wijn proeven en kaasjes. Ook houden ze iedere zondag tegenwoordig gebedsdiensten. En ze hebben tegenwoordig een B&B. Oftewel; ’s winters zijn de bomen kaal, ’s zomers zijn ze groen, bij ons in Langweer is altijd wat te doen!

Gastheer en gastvrouw van De Abdij

In de Bijbel gaat de liefde van vader op zoon ook via de maag. In Genesis 27 ligt Izak op sterven, en door zijn liefde voor geitenvlees laat hij zich door zijn vrouw en jongste (tweeling)zoon Jacob foppen.

Izak heeft in de Bijbel niet veel noemenswaardigs uitgehaald, geen heldendaden verricht of iets gepresteerd.

In Genesis 26 zien we nog dat hij even het land van de Filistijnen intrekt, en doet alsof zijn vrouw Rebekka zijn zuster is. Opdat ze hem niet zullen doden. Maar dat is precies het zelfde trukje dat zijn vader Abraham ook al twee maal uithaalde met zijn vrouw Sara, 1 maal in Egypte en 1 maal bij de Filistijnen. Zodra de lokale heerser Abimelech hoort dat hij loog, het is zijn vrouw, stuurt hij ze weg.

En dat was het dan zo’n beetje.

Willem

Izak is slechts een seniele man in de Bijbel
Verder lezen we over Izak geen avonturen, behalve dan dat hij in dat land als landbouwer leefde, en dat zijn oogst zo groot was dat dit omwonenden opviel. Dus dat ze zagen ‘De Heere’ is met hem want anders groeit je graan niet zo goed.

In de volgende paragraaf werken de Bijbelschrijvers Izak al uit het verhaal: dan ligt hij voor je het weet al op zijn sterfbed, zodat er een belangrijker hoofdrolspeler in zijn bloedlijn op het toneel kan verschijnen: Jacob. De zoon uit de Abraham-bloedlijn die naamgever aan Israel zal worden, omdat hij worstelde met God, of een engel van De Heere.

Geit

Nu lezen we dat Izak zo seniel en oud is geworden, dat zijn vrouw Rebekka hem met Jacob makkelijk kan foppen. Zijn eigen vrouw Rebekka is de aanstichtster van het plot:

Het gebeurde, toen Izak oud geworden was en zijn ogen dof geworden waren zodat hij niet meer kon zien, dat hij zijn oudste zoon Ezau riep, en tegen hem zei: Mijn zoon! Hij zei: Zie, hier ben ik!

Hij zei: Zie toch, ik ben oud geworden en ik weet de dag van mijn dood niet.
Nu dan, pak je jachtgerei, je pijlkoker en je boog, trek het veld in en jaag voor mij een stuk wild.

Maak dan een smakelijk gerecht voor me klaar, zoals ik het graag heb, en breng het me om te eten. Dan zal mijn ziel je zegenen voordat ik sterf.Nu luisterde Rebekka mee, toen Izak tot zijn zoon Ezau sprak. Ezau ging het veld in om een stuk wild te jagen en dat mee te brengen.

Toen zei Rebekka tegen Jakob, haar zoon: Zie, ik heb je vader tegen Ezau, je broer, horen zeggen:
Breng me een stuk wild en maak een smakelijk gerecht voor me klaar om op te eten; dan zal ik je voor het aangezicht van de HEERE zegenen, vóór mijn dood.

Nu dan, mijn zoon, luister naar mijn stem, naar wat ik je gebied. Ga toch naar de kudde en haal daar voor mij twee goede geitenbokjes. Dan zal ik daarvan een smakelijk gerecht voor je vader klaarmaken, zoals hij het graag heeft.

Dat moet je naar je vader brengen en hij zal het eten. Dan zal hij je zegenen, vóór zijn dood.

Geit neemt berm bij Slappeterp in de zeik

De gefopte vader
De enige hindernis voor deze coup op het eerstegeboorterecht blijkt Izak zijn tastvermogen. Als hij voelt dat Jacob het moederskindje met gladde vrouwenarmen bij hem is, dan zou hij zich verraden. Want Ezau de bikkel van de twee is een Hairy Bear. Ook als hij de zachtere stem van Jacob hoort, laat hij zich niettemin foppen.

Voor wie de Bijbel een boek van verheven ethiek zou zijn: blijkbaar is het Bijbels dat je gewoon je stervende vader meervoudig voorliegt. Dus doet Jacob geitenvellen om zijn armen, en Izak is vervolgens weer zo seniel dat hij daar in trapt. Rebekka is uiteindelijk de hoofdrolspeelster in dit plot:

Toen zei Jakob tegen Rebekka, zijn moeder: Zie, mijn broer Ezau is een behaarde man en ik heb een gladde huid.
Misschien betast mijn vader mij; dan zal ik in zijn ogen als een bedrieger zijn en zal ik een vloek over mij brengen en geen zegen.

Maar zijn moeder zei tegen hem: Laat je vloek mij dan maar treffen, mijn zoon. Luister nu maar naar mijn stem en ga ze voor mij halen.
Toen ging hij ze halen en hij bracht ze bij zijn moeder. En zijn moeder maakte een smakelijk gerecht klaar, zoals zijn vader het graag had.

Daarop nam Rebekka de kostbare kleren van Ezau, haar oudste zoon, die ze bij zich in huis had, en trok ze Jakob, haar jongste zoon, aan.

Het vel van de geitenbokjes trok ze over zijn handen en over zijn gladde hals. Zij gaf haar zoon Jakob het smakelijke gerecht in handen, met het brood dat zij klaargemaakt had.

Gebruikte Bijbel

Hij kwam bij zijn vader en zei: Mijn vader! En hij zei: Zie, hier ben ik; wie ben je, mijn zoon?
Jakob zei tegen zijn vader: Ik ben Ezau, uw eerstgeborene. Ik heb gedaan wat u mij gezegd hebt. Richt u toch op, ga zitten en eet van mijn wildbraad, zodat uw ziel mij kan zegenen.

Izak zei daarop tegen zijn zoon: Hoe is het mogelijk dat je dat zo snel gevonden hebt, mijn zoon? Hij zei: Omdat de HEERE, uw God, het mij heeft laten tegenkomen.

Izak zei tegen Jakob: Kom toch wat dichterbij zodat ik je kan betasten, mijn zoon, of je werkelijk mijn zoon Ezau bent of niet.
Toen kwam Jakob dichter bij zijn vader Izak en die betastte hem. Hij zei: De stem is Jakobs stem, maar de handen zijn Ezaus handen.
Hij herkende hem dus niet, omdat zijn handen, net als de handen van zijn broer Ezau, behaard waren. En hij zegende hem.

Hij zei: Ben je echt mijn zoon Ezau? Hij antwoordde: Dat ben ik.

Geen maaltijd compleet zonder Vitamine Dierenleed (D)

Vervolgens krijgt Jacob de zegen mee, waaronder de voorzegging dat hij mag heersen over zijn broers. En Ezau pist naast de pot.

En het gebeurde, toen Izak gereed was met het zegenen van Jakob, en Jakob nog maar net bij Izak weggegaan was, toen gebeurde het dat Ezau, zijn broer, van zijn jacht terugkwam.

Ook hij maakte een smakelijk gerecht klaar en bracht dat bij zijn vader. Hij zei tegen zijn vader: Mijn vader, richt u op en eet van het wildbraad van uw zoon, zodat uw ziel mij kan zegenen.

Izak, zijn vader, zei tegen hem: Wie ben je? Hij zei: Ik ben uw zoon, uw eerstgeborene, Ezau.

Toen beefde Izak van grote en hevige schrik en zei: Wie was het dan die een stuk wild gejaagd en het mij gebracht heeft? Ik heb overal van gegeten voordat jij kwam, en ik heb hem gezegend, en gezegend zal hij zijn.

Toen Ezau de woorden van zijn vader hoorde, gaf hij een zeer luide en bittere schreeuw, en zei tegen zijn vader: Zegen mij, ook mij, mijn vader!

Hij antwoordde echter: Je broer is met bedrog gekomen en heeft je je zegen afgenomen.

De antieke Statenbijbel, voortaan Iedere Zondag

Alleen wanneer Ezau er in zal slagen om Jacob te doden zal hij nog een kans maken om zijn onderdanige positie kwijt te raken. Genesis 27 sluit als volgt af, met deze woorden van de stervende Izak:

Van je zwaard zul je leven
en je broer zul je dienen.
Maar als je tot macht komt,
zul je zijn juk van je nek afrukken.

En dus zweert Ezau wraak. Rebekka hoort dat, en dus laat ze Jacob vluchten naar haar broer Laban. De glansrol van dit verhaal, die is dus voor Rebekka weggelegd. Ze is Izak mentaal geheel de baas, en deelt eigenlijk de lakens uit. Izak is niet veel meer dan een seniel die van geitenvlees houdt, en al snel van het Bijbels toneel wordt afgevoerd.

Dan kan de man die met zijn moeder zijn vader bedriegt en voorliegt de stamvader worden, dus via overtreding van het Negende Gebod. Tjsa, ik heb die verhalen in de Bijbel niet bedacht. Heb een goede zondag.

3 Replies to “‘Wees heerser over je broers’ (Genesis 27)”

  1. Laatste niet juist weergegeven. Niet Rebecca, maar Izaäk zend Jacov naar Laban. Goes lezen, Rypke! Hij, jacov, moet daar een vrouw halen. Dat impliceert, volgens de Zohar, dat hij een bruidsschat meekreeg…

    Echter kwam Jacov straatarm bij Laban aan…. Ergo, hij moet onderweg zijn beroofd…..
    En tot slot: Rebecca doorzag dat er iets catastrofaals stond te gebeuren, namelijk dat Izaäk voor en tijdens het uitbrengen van de zegen onrein voedsel (in de jacht geschoten is onrein) zou eten… Denkt daar meer eens over na….

    1. De reinheidswetten zijn pas veel later gegeven. Alleen het verstikte mocht niet gegeten worden. Aangezien er over pijl en boog gesproken wordt lijkt het me niet dat er een strik gebruikt is.

  2. Wel een lang sterfbed geweest, want pas als Jacob terug is uit Paddan Aram sterft Izak. Dat was zo’n 20 jaar later. Wat de geboden betreft, die zijn pas op de Sinaï gegeven, alleen aan het volk Israël. Er waren alleen enkele geboden aan Noach gegeven (Gen.9) die de gehele mensheid golden. Dat was anders dan de 10 geboden die aan Israël gegeven werden op de Sinäi om van zonden overtredingen te maken (Rom5). Echter door Jezus aan het kruis genageld (Kol2) omdat ze zwak en nutteloos bleken te zijn door het vlees (Hebr7). Dat in tegenstelling tot de wet van Christus die in het hart gelegd worden als straks het Nieuwe verbond gesloten wordt met het huis van Juda en Israël (2+10stammen) (o.a Jer33) als het koninkrijk op aarde zal komen. Alle kerkelijke toepassingen van ‘de 10 geboden’ in onze tijd zijn dus niet nodig en naar het gebleken is nutteloos omdat de 10 geboden op het vlees gelegd waren.

Laat een reactie achter aan willem Antwoord annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *