“Ik mijn Geest zal uitstorten over alle vlees”…(Joël 2:28)

IJzerwerk Mariakerk

Op de zondag geen profane boodschappen. Dan lezen we uit De Heilige Schrift, Het Boek waarop de Westerse Beschaving tweeduizend jaar rustte.

Vandaag op Pinksteren bespreken we de voorzegging van de uitstorting van de Geest, die de profeet Joël verwoordt. Die uitstorting is het begin van de Kerk. Pente-cost is vijftig dagen – zeven weken nadat het Lichaam van Christus gebroken werd, en weer herrees als Brood, dat geestelijk voedsel zou worden.

Toen Jezus zijn Lichaam brak als ‘brood’-offer, verwees Hij al naar het broodoffer van Leviticus 23: dat was de jaarlijkse eerste oogst van graan die geofferd werd, na zeven weken te tellen, gemengd ‘met een hin wijn’.

Berghok kerk Westerwijtwerd

Vijftig dagen
Handelingen 2 beschrijft de uitstorting van de Heilige Geest in Jeruzalem onder de Twaalf Apostelen. Daardoor kunnen ze plots in andere talen spreken, profeteren. Door protestantse en evangelische sektes is dat ‘in andere talen’ vaak foutief vertaald als ‘in tongen’, slap gebrabbel alsof mensen bezeten zijn.

Maar ze spreken dus andere talen, als symbool voor het brengen van het evangelie aan de hele wereld. Alsof de Toren van Babel met Babylonische spraakverwarring is overwonnen, en het Evangelie dus aan ieder gebracht kan worden.

En toen de dag van het Pinksterfeest vervuld werd, waren zij allen eensgezind bijeen.
En plotseling kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en dat vervulde heel het huis waar zij zaten.

En aan hen werden tongen als van vuur gezien, die zich verdeelden, en het zat op ieder van hen.
En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest en begonnen te spreken in andere talen, zoals de Geest hun gaf uit te spreken.

Dat krijg je wanneer ‘Sola Scriptura’ je dogma wordt, ‘mijn eigen interpretatie’. De vroege kerk leerde nooit dat mensen wat flauwekul en wartaal gingen uitslaan, ’tongentaal’. Ze gingen profeteren in de talen die rond het Middellandse zeegebied gesproken werden.

Eucharistie, brood en wijn als lichaam en bloed van Christus.

Het Brood als ‘Lichaam’ van Christus
Voor alles dat de Kerk instelde, zoals ‘Pentecost’ (Penta = Vijf), ‘vijftig’ dagen na het offer van Jezus, zeven volle weken bestaat een voorafspiegeling in de Wet van Mozes. In Leviticus 23: 15 om precies te zijn. Het boven beschreven Pinksterfeest was al een Joods feest, die van het graanoffer waarin de eerste oogst geheiligd werd.

Als herinnering dat de twaalf stammen van Israël hun beloofde land hadden gekregen. Dus is het voedsel daarvan ook een Gave.

Wat sprak Jezus immers over ‘het brood’ dat ‘mijn lichaam’ is en voor ons is gebroken? Dat is een rechtstreekse verwijzing naar Leviticus 23, waarbij een brood/graanoffer wordt gebracht. Daarin wordt vijftig dagen na de sabbath geteld. Het is de rituele heiliging van de oogst van het land, het eten dat de mensen krijgen.

De graansteppe bij Oudebildtzijl, hier met Grauwe Kiekendief

De Heiland kletste niet zomaar wat. Hij wist wat Hij zei. Ik geef hier de volledige passage van 9-17 weer:

De HEERE sprak tot Mozes:
Spreek tot de Israëlieten, en zeg tegen hen: Wanneer u in het land komt dat Ik u geven zal, en u de oogst ervan binnenhaalt, dan moet u de eerste schoof van uw oogst naar de priester brengen.

Hij moet de schoof voor het aangezicht van de HEERE bewegen, opdat Hij een welgevallen in u vindt. Op de dag na de sabbat moet de priester de schoof bewegen.

Bij het brood komt dan ook de wijn, die we van het Heilig Avondmaal kennen:

U moet op de dag dat u de schoof beweegt, een lam zonder enig gebrek van een jaar oud als brandoffer voor de HEERE bereiden, met een bijbehorend graanoffer van twee tiende efa meelbloem, met olie gemengd, als een vuuroffer voor de HEERE, een aangename geur, en een bijbehorend plengoffer van een kwart hin wijn.

Combine haalt het graan binnen, ook graan wordt als brandstof verwerkt

En vervolgens komt de verordening dat je vijftig dagen geen brood mag eten of vers graan tot je dat offer bracht

U mag geen brood, geroosterd graan en vers graan eten tot op deze zelfde dag dat u de offergave van uw God gebracht hebt. Het is een eeuwige verordening, al uw generaties door, in al uw woongebieden.
U moet dan vanaf de dag na de sabbat gaan tellen, vanaf de dag dat u de schoof van het beweegoffer gebracht hebt. Zeven volle weken zullen het zijn.

Tot de dag na de zevende sabbat moet u vijftig dagen tellen. Dan moet u de HEERE een nieuw graanoffer aanbieden.
Uit uw woongebieden moet u twee broden meebrengen, bestemd voor een beweegoffer. Ze moeten van twee tiende efa meelbloem zijn, met zuurdeeg gebakken; het zijn de eerstelingen voor de HEERE.

De graanrepubliek

Mijn Geest zal uitstorten op alle vlees
De profeet Joël bespreekt een Eindtijd, waarin Het Oordeel komt. Dat oordeel ontloop je door Vergeving. Die Vergeving volgt door de doop met de Heilige Geest. Voor seculiere binnenlopers op dit kanaal: alles dat in theologie besproken wordt heeft een praktische uitwerking. Iedereen laadt door zijn leven oordeel op zich, van zichzelf en van anderen.

Dat oordeel wordt psychische last. Dus moet je daar vrij van gezet worden. De vroege Kerk van de Apostelen en kerkvaders leerde dat alleen de Hoogste Autoriteit die Last kan wegnemen. We lezen Joël 2 vers 28-32

Daarna zal het geschieden
dat Ik Mijn Geest zal uitstorten op alle vlees:
uw zonen en uw dochters zullen profeteren,
uw ouderen zullen dromen dromen,
uw jongemannen zullen visioenen zien.

Ja, zelfs op de dienaren en op de dienaressen
zal Ik in die dagen Mijn Geest uitstorten.
Ik zal wondertekenen geven aan de hemel en op de aarde:
bloed en vuur en rookzuilen.

Verduurzaamde Bloedmaan

De zon zal veranderd worden in duisternis
en de maan in bloed,
voor die dag van de HEERE komt,
die grote en ontzagwekkende.

Het zal geschieden dat ieder die de Naam van de HEERE zal aanroepen, behouden zal worden.
Want op de berg Sion en in Jeruzalem zal ontkoming zijn,
zoals de HEERE gezegd heeft,
namelijk bij hen die ontkomen zijn,
die de HEERE roepen zal.

Tijd van de graanoogst

Autoriteit voor Petrus, de eerste Kerkvader
Joël lijkt de woorden van Jesaja 44:3 te citeren:

Want Ik zal water gieten op het dorstige en stromen op het droge. Ik zal Mijn Geest op uw nageslacht gieten en Mijn zegen op uw nakomelingen.

Maar ook Ezechiël 39:29:

Ik zal Mijn aangezicht niet meer voor hen verbergen, wanneer Ik Mijn Geest over het huis van Israël heb uitgestort, spreekt de Heere HEERE .

Maar het is de profeet Joël die door Petrus wordt geciteerd op de Pinksterdag in Handelingen 2. Die profeet werd dus als belangrijke autoriteit gezien door de allereerste kerkvader:

Maar Petrus, die daar met de elf andere apostelen stond, verhief zijn stem en sprak tot hen: Joodse mannen en u allen die in Jeruzalem woont, dit moet u bekend zijn en laat mijn woorden tot uw oren doordringen:
deze mensen zijn namelijk niet dronken, zoals u vermoedt, want het is pas het derde uur van de dag.

De graanrepubliek

En let opnieuw op, dat Petrus zegt “deze mensen zijn niet dronken”, dus ze lallen niet wat

Maar dit is wat gesproken is door de profeet Joël:
En het zal zijn in de laatste dagen, zegt God, dat Ik zal uitstorten van Mijn Geest op alle vlees; en uw zonen en uw dochters zullen profeteren, uw jongemannen zullen visioenen zien en uw ouderen zullen dromen dromen.

Sinds de uitstorting van de Geest leven we dus al in De Eindtijd. De Tijd die iedere dag van het Leven zo urgent maakt. Heb een goede zondag:

  • Stak je van deze weekpreek iets op, doe dan een duit in de collectezak van De Abdij, het Studiecentrum voor Natuurlijke Historie

One Reply to ““Ik mijn Geest zal uitstorten over alle vlees”…(Joël 2:28)”

  1. Een (profetische) ‘eindtijd’ die nu dus bijna 2000 jaar duurt. 🤔
    Mogelijk alternatief: we hebben minstens nog 730.485.000 jaar te gaan?
    Een rekensommetje bij 2 Petrus 3:8 (“Maar laat vooral dit u niet ontgaan, geliefden, dat één dag bij de Heere is als duizend jaar en duizend jaar als één dag.” (H.S).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *