
Natural Asset Companies give Rothschild Purpes
Op de zondag geen profane boodschappen. Dan lezen we uit De Heilige Schrift, Het Boek waarop de Westerse Beschaving rustte.
Vandaag behandelen we het Bijbelboek dat bankiersfamilie Rothschild rijk en machtig maakte, maar ook Larry Fink van Blackrock: Deuteronomium 15. Over hoe je via de zorgvuldige opbouw van afhankelijkheidsrelaties (schulden) over anderen kunt heersen.
De Joodse Wet beschrijft hoe je met zorgvuldig financieel beheer in de leenheer-stoel komt, zodat anderen niet zonder je kunnen. Je web van afhankelijkheidsrelaties is je werkelijke kasteel waaruit je regeert.
“Slaaf van de uitlener”
Ik kom er op via dit filmpje dat me op YT toeviel. Dat begint met de uitspraak uit Spreuken 22 vers 7, waarin het hebben van schulden op het eerste gezicht destructief lijkt:
Een rijke heerst over armen,
en wie leent, wordt slaaf van de uitlener.
Maar overal in elk land zullen altijd rijken en armen zijn, schuldeisers en schuldenaren. Het gaat er volgens de Bijbel om hoe je die relaties inkleedt. Je kunt in schuld stappen als een val, dan heb je een Mammon-relatie. Maar je kunt schuld ook ingaan als een Salomom-relatie, als duurzame transactie.
Zoals de Joodse spijswetten bedoeld zijn voor de volksgezondheid, zo zijn de financiële wetten dus gemaakt voor de financiële gezondheid.
De Joodse Wet (Leviticus, Exodus, Deuteronomium) maakt onderscheid tussen volksgenoten van de Israëlieten, het ‘uitverkoren volk’ en ‘buitenlanders’ zoals de Herziene Statenvertaling dat vertaalt. De succesvolle toepassing van die principes maakt Israël machtiger dan anderen, zo luidt de belofte.

Bijbels in de Laurentiuskerk
“Van een buitenlander mag u betaling eisen”
Bij het eigen volk zit er volgens De Wet een limiet aan de schuld in jaren. Zes jaar mag iemand zich uitlenen als ‘slaaf’ maar het zevende jaar moet deze vrij gelaten worden.
Na verloop van zeven jaar moet u kwijtschelding verlenen.
Dit nu is wat de kwijtschelding inhoudt: iedere schuldeiser die iets aan zijn naaste geleend heeft, moet hem dat kwijtschelden. Hij mag van zijn naaste of zijn broeder geen betaling eisen, aangezien men een kwijtschelding heeft uitgeroepen voor de HEERE.
Maar voor ons, het Gojim dat niet uitverkozen is, zit er geen limiet
Van een buitenlander mag u betaling eisen, maar wat er van u bij uw broeder is, moet u kwijtschelden.
Overigens hoeft er onder u geen arme te zijn, want de HEERE zal u overvloedig zegenen in het land dat de HEERE, uw God, u als erfelijk bezit geeft om dat in bezit te nemen, als u tenminste de stem van de HEERE, uw God, nauwgezet gehoorzaamt, door al deze geboden die ik u heden gebied, nauwlettend in acht te nemen.
Dus, hou je aan de Wet, dan gebeurt het, verlaat de Wet en het werkt tegen je, want zo Werkt de Wereld die God maakte.
Wanneer de HEERE, uw God, u gezegend heeft, zoals Hij tot u gesproken heeft, dan zult u aan vele volken leningen verstrekken, maar zelf zult u niets hoeven te lenen; en u zult over vele volken heersen, maar over u zullen zij niet heersen.

Bijbelvast, iedere zondag
Jubeljaar na vijftig jaar
Je kapitaal zit volgens de Joodse wet in relaties en ‘asset management’, niet in het land zelf. Dat land was de Israëlieten immers maar in erfelijk bezit gegeven, via genocide onder aanvoering van Jozua. Het land Israël is niet ‘van het volk’ maar van JHWH als hun Leenheer, dat ze als rentmeesters in bruikleen krijgen.
Daarom kent de Wet het principe van de zogenaamde Land-Sabbath, landrust.
Leviticus 25 draagt op dat je zes jaar van je land mag oogsten, maar het een zevende jaar moet je het rust geven. Dan mag je er niets af halen. Ook bestaat er volgens vers 23-27 een cyclus van zeven maal zeven Sabbats-jaren, waarop een Jubeljaar volgt, het vijftigste jaar. Dat is de tijdslimiet die een stuk land bij iemand dat hij van een ander kocht in bezit mag blijven.
Verder mag het land niet voor altijd verkocht worden, want het land behoort Mij toe. U bent immers vreemdelingen en bijwoners bij Mij.
In heel het land dat u bezit, moet u de loskoping van het land toestaan.Wanneer uw broeder in armoede raakt en een deel van zijn bezit moet verkopen, dan moet zijn losser komen die nauw aan hem verwant is, en vrijkopen wat zijn broeder heeft verkocht.
Mijn ge-erfde Statenbijbel uit 1912, te zien bij BLCKBX
En wanneer iemand geen losser heeft en zijn vermogen toereikend is, zodat hij over voldoende middelen beschikt voor zijn loskoping,
dan moet hij de jaren berekenen dat het verkocht is geweest, en het verschil vergoeden aan de man aan wie hij het verkocht had. Dan zal hij naar zijn bezit terugkeren.Maar als hij over onvoldoende middelen beschikt om hem te vergoeden, dan blijft het verkochte in handen van de koper ervan, tot het jubeljaar toe. Maar in het jubeljaar komt het vrij en keert hij terug naar zijn bezit.

Een Bijbel met gravures van Gustave Dore
Kennis is macht
Wanneer land niet voor eeuwig aan je verkocht is, maar de koop heeft een tijdslimiet. Dan moet je binnen dat tijdraam de opbrengsten optimaliseren, omdat je het land op het vijftigste jaar weer moet kunnen verkopen. Dan zit de waarde die je hebt niet in land zelf (zoals bij oude landadel) maar in systemen van afhankelijkheid, in handelsrelaties, in monopolies die je opbouwt en in unieke kennis die alleen jij bezit.
Dus je macht zit in de Clearinghuis-functie, de Verrekenkamer die als tussenpersoon tussen transacties zit en die de (internationale) betalingscondities stelt. (in de bankierswereld sinds de negentiende eeuw)
Dan hoeft ‘schuld’ geen ‘wond’ te zijn die je laat leegbloeden (Mammon), maar kan het een wapen zijn (Salomon), een vorm van relatiemanagement die je positie verbetert. Koning Salomo zou dat principe al hebben toegepast bij de bouw van de tempel in 1 Koningen vers 5, via zijn ‘deal’ met Hiram om ceders te kappen in ruil voor voedsel, jaar op jaar.
Dat de zaak zelf je opbrengst niet is, maar succesvol management, geldt dus ook voor een oliebaron als Rockefeller, een protestant met Bijbelkennis. Die bezat niet alle olievoorraden van Amerika, maar hij bezat wel het distributienetwerk. Je kon niet kopen of verkopen zonder zijn teken van goedkeuring.

…eindelijk eens gelezen: boeiende materie. De omslag is gemaakt door een nazaat van Rothschild-agent Jacob Schiff
Zo paste Rothschild ook die principes toe, aldus dit leerzame filmpje. Bedenk immers dat persbureau Reuters ontstond uit nieuwsdiensten van Rothschild zijn kennisnetwerk van nieuwskoeriers: dan wist hij eerder dan anderen hoe de internationale vlag er bij hing en kon hij daarop acteren. Zoals toen Napoleon was verslagen.
Zo leer je alweer met andere ogen naar de Bijbel zien, en begrijp je dat je niets begrijpt van de wereld zonder de Bijbel te bestuderen. In plaats van afgunstig te zijn op mensen die deze principes succesvol toepassen (‘antisemitisme’, Calimero) kun je er ook lering uit trekken. De Wet van Mozes was dus ontworpen om het Volk Israël machtiger te maken, ook al stelden ze tussen de grote rijken als Egyptenaren en Perzen weinig voor.
Het cliché dat ‘de Joden’ de wereld (achter de schermen) regeren, via het bankierswezen, heeft dus een Bijbelse ondergrond. Wanneer een volk de Wet naleeft heeft het meer financieel succes, en onderling veel hogere sociale cohesie (je gaat onderling geen open einde ‘mammon’-achtige schuldrelaties aan), dan wanneer het er lukraak op los leeft.
Heb een goede zondag!
- Doe een duit in de collectezak van Interessante Tijden, het Studiecentrum voor Natuurlijke Historie, als dank voor het doorgeven en stimuleren van inzichten en kennis
