
Urker Vishal en Israël, een lekker stel
Door het ontdekken van een belachelijk slecht boek dat in Cannabis-gebruikend Nederland kritiekloos omarmd wordt, heb ik de enige bron voor de daarin ontvouwde Khazaria Diaspora-theorie gevonden. En ook daadwerkelijk gelezen. De Dertiende Stam (1976) van de Brits-joodse intellectueel Arthur Koestler.
Die ontvouwt daarin de concurrent van de gangbare Rijnland-hypothese als etnische oorsprong van het Europese jodendom. Het gros van het Europees jodendom zou etnisch verwant zijn aan een diaspora van Khazaren, een Turks steppevolk uit het Zwarte Zee-gebied.
Koestler probeerde met zijn insteek echter precies het tegengestelde te bereiken, van wat Israël-haters anno nu willen doen. Hij wilde juist raciale de grond voor antisemitisme wégnemen, en een beter argument vóór de Staat Israël geven.

De omstreden literatuur voor vandaag
Rijnland- versus Khazaria-hypothese
Het gros van het Europees jodendom zou volgens Koestler “Kaukasiaanse zonen uit de tenten van Japheth” kunnen zijn en niet van Sem. Daarmee ging hij in tegen de gangbare Rijnland-hypothese. Volgens die historische hypothese zouden Joodse kolonisten van Oost Europa vanuit het Rijnland zijn gekomen.
Daar, in Duitsland zouden zij via diverse migraties zijn gekomen als mensen met Semitische wortels. Volgens Koestler zouden echter de diaspora-Khazaren etnisch de grootste component van het Europees jodendom zijn gaan vormen.
Die Khazaren waren verwant met andere Turkmeense steppenvolken, zoals de Hunnen eerder en de Magyaren. Ze zouden zich in 740 tot het jodendom hebben bekeerd onder hun koning Bulan, zonder de Babylonische Talmoed, aldus Koestler.
Ze wilden namelijk niet christelijk worden zoals hun Byzantijnse ‘vrienden’, maar ook niet Islamitisch: want daar stonden ze op voet van oorlog mee. De Khazaren kunnen- Bijbels gezien- vergeleken worden met de Ashkenaz uit Jeremia 51, die in een godswraak Babylon omver zouden werpen. Die worden ook gelokaliseerd in het Zwarte Zee-gebied en de Kaukasus.
Ashkenaz joden in Duitsland en Polen zouden later die term overnemen om hun eigen joodse tak te duiden.

Joodse Hippies in Kibboets Lotan
Khazaren leefden in militaire alliantie met het Byzantijnse Christelijke Rijk, dat door toenmalige joden vergeleken werd met ‘Edom’, dus de tegenhanger van de nazaten van Jacob.
De alliantie ging zo ver, dat de keizer Constantijn V trouwde met een Khazaarse princes. (732) Hun zoon Leo IV zou bekend staan als Leo de Khazaar. Dat gebeurde nadat ze een invasie van de Islam keerden.
Dat orthodox christelijke rijk hielpen Khazaren verdedigen tegen invallen van de Islam uit het Zuiden, en de Zweedse Vikingen- Rus (roeiers)- uit het Noorden. Nadat de Rus zich tot het christendom bekeerden en hun eigen Russisch rijk in Kiev stichtten, verschoven de verhoudingen.
De Byzantijnen en de Russen sloten toen hun eigen alliantie.

Russisch Orthodoxe Kerk Hemelum Fryslan
De Khazaria-diaspora
De nu christelijke Russen en de Byzantijnen gingen de Khazaren als probleem beschouwen en hun koninkrijk werd uiteen geslagen. Met de invasie van de Mongolen in de dertiende eeuw zou het restant van Khazaria zijn opgelost.
Hier komt vervolgens de Khazaria-diasporahypothese om de hoek kijken.
Die kreeg voor het eerst wijder aandacht in 1944, dankzij Abraham Poliak van Tel Aviv Universiteit, leerstoelhouder van Middeleeuwse joodse historie. Die publiceerde toen het boek ‘Khazaria’ waarin hij de hypothese ontvouwde, dat 1951 werd geherpubliceerd.
Een andere historicus die deze bekeringstheorie van het steppevolk van de Khazaren ondersteunde was Douglas Murton Dunlop. (1967)

De andere bron van de Khazaria-hypothese
Na het conflict tussen de gekerstende Rus en Khazaria als koninkrijk eind 10de eeuw, zouden honderdduizenden gejudaïseerde Khazaren naar de huidige centra van het Oost Europese jodendom zijn gemigreerd.
Zoals Polen, Oekraïne. Plaatsnamen in die landsdelen zouden naar de Khazaren verwijzen. Ergo, het gros van het Oost Europese jodendom zou dus niet van Semieten afstammen, maar van steppevolken uit het Zwarte Zeegebied en de Kaukasus. Ironisch genoeg de zelfde landsdelen, waarop de Arische superras-theorie haar eigen origine traceert, van de Caucasians.

Pro-Israël kamp maakt zich zorgen over misbruik van de Khazaria-hypothese
Antisemitisme ontkrachten in plaats van versterken
Zijn motivatie om de Khazaria-theorie van Poliak te populariseren in 1976 vind je aan het begin van het boek:
If so this would mean that their ancestors came not from the Jordan but from the Volga, not from Canaan but from the Caucasus, once believed to be the cradle of the Aryan race; and that genetically they are more closely related to the Hun, Uigur, and Magyar tribes than to the seed of Abraham, Isaac and Jacob.
Should this turn out to be the case then the term ‘anti-Semitism’ would become void of meaning, based on a misapprehension shared by both the killers and their victims.”
If so, the story of the Khazar Empire as it slowly emerges from the past, begins to look like the most cruel hoax which history has perpetrated.

Ook in Genetica-land leefde de Koestler controverse op, van Elran Elhaik
Koestler was Pro-Israël
Natuurlijk zijn er ook vele historici die de Khazaren-hypothese weerleggen ten faveure van de Rijnland-theorie, zoals historici als genetici. Daarover later meer. Wat je daarvan leert, is dat wetenschap nooit 100 procent zekerheid kan geven. Het is georganiseerde tegenspraak.
In dit blog is vooral de motivatie van Koestler van belang.
Koestler was een atheïstische joodse intellectueel, die net als Rode tijdgenoten vocht in de Spaanse Burgeroorlog (1934-1938) aan communistische (rebublikeinse) zijde. Hij zou tot in de jaren ’30 met het Sovjetregime sympathiseren als sociaal experiment dat een alternatief zou bieden voor het Fascisme.

Het artikel, dat vrij op het internet te raadplegen is
Maar daar zou hij van af zijn gestapt nadat hij de misdaden van dat regime (eindelijk) doorzag. Op het eind van het boek, blijkt hij Joods nationalist te zijn geworden, een verdediger van de Staat Israël. Daarmee gedroeg hij zich precies volgens het boekje, volgens de redeneertrant voor het Zionisme die Winston Churchill in 1920 had verdedigd.
Laat rode en atheïstische joden hun energie eens constructief richten op de opbouw van een eigen land. In plaats van overal revolutie te stichten, aldus Churchill. Koestler schreef, dat het alternatief voor de in anderhalve eeuw vreedzame Joodse kolonisatie van Israël en hun staat genocide zou zijn.
Door hun constructieve werkzaamheden en opbouw, en door het scheppen van een Staat met Rule of Law hebben ze een wettelijk legitiem recht op dat land:

Koestler was juist vóór een eigen thuis van de Joden, los van discussies over genetische zuiverheid
Vijanden van Israël met Koestler aan de haal
De ironie wil nu, dat juist vijanden van de staat Israël Koestler’s omstreden werk aangrijpen om hun punt te scoren, tegen ‘de Zionisten’ en hun vermeend aangeboren wreedheid die van de Khazaren afkomstig zou zijn. Maar Koestler:
a. legde geen enkel verband tussen de Babylonische Talmoed en de Khazaren
b. schrijft nergens dat Koning Bulan naar Spanje zou zijn gevlucht, noch is daar enig bewijs van. De Spaanse joden zaten daar al eeuwen vóór Khazaria als koninkrijk ontstond
c. maakt zich nergens schuldig aan jodenhaterige samenzweringsesoterie, alsof zouden joodse bankiers van een tot plundering geneigd steppenvolk afstammen dat kinderen zou ontvoeren
d. was Pro-Israël

Een dyslectische pensionado gaat aan de haal met Koestler
Je krijgt sterk de indruk dus, dat complot-esoterici zijn originele werk maar kwalijk gelezen hebben. Bij een zelfverklaard dyslecticus is dat niet verwonderlijk. Aan de andere kant, kom je zo- opnieuw- via een bijzonder slecht boek tot een opmerkelijk en invloedrijk boek, dat daarom wel de moeite van echt lezen waard is.
Of je het er nu mee eens wilt zijn of niet.
Lees het zelf, controleer de bronnen, en ga vooral op zoek naar onderbouwde tegenspraak. En waardeer dit artikel met een donatie klein of groot, voor ons Studiecentrum voor Natuurlijke Historie:
Koestler is al 42 jaar dood.
Mogelijk zou hij nu pro Gazanen zijn.
The Invention of the Jewish People (Hebrew: מתי ואיך הומצא העם היהודי?, romanized: Matai ve’ech humtza ha’am hayehudi?, lit. ’When and How Was the Jewish People Invented?’) is a study of Jewish historiography by Shlomo Sand, Professor of History at Tel Aviv University. It has generated a heated controversy. The book was on the best-seller list in Israel for nineteen weeks.
Over de rol van de Israël-lobby: Bij gebrek aan beter Diedert de Wagt (zie: https://bgab.eu/)
“Lees het zelf, controleer de bronnen, en ga vooral op zoek naar onderbouwde tegenspraak.”
Heb ik in de kast staan, Shlomo de Selfhating Jew, bouwt ook voort op de Khazarentheorie…
Boeken. Wie zitten er achter de uitgevers vaak/meestal?……juistem. Of jottem en ga maar door.
Wat mensen op internet schrijven maar onzin hè?
De moderne wetenschap — genetisch, taalkundig en historisch — weerlegt de Khazar-theorie overtuigend.
Genetica:
Ashkenazische Joden delen aanzienlijke Levantijnse voorouderlijke lijnen met Sefardische en Mizrahi Joden; er is geen Turkse of Centraal-Aziatische bijdrage.
Ongeveer 50–70% van hun afkomst stamt uit oude Israëlieten en mediterrane bevolkingsgroepen, 30–50% uit latere Europese vermenging.
Geschiedenis:
Historisch faalt de theorie eveneens.
Na de vernietiging van Jeruzalem in 70 n.Chr. verspreidden Joden zich over het Romeinse Rijk. Tegen de vroege middeleeuwen waren Joden goed gevestigd in het Middellandse Zeegebied en Europa, eeuwen vóór het Khazaarse rijk bestond.
Hoewel historische bronnen bevestigen dat de Khazaarse elite zich tot het jodendom bekeerde en dat er mogelijk een kleine Joodse aanwezigheid was, is er geen bewijs voor massale bekeringen of grootschalige migratie naar Europa.
Taal:
Als Ashkenazische Joden Khazaarse of Centraal-Aziatische roots hadden, zouden Turkse sporen in hun taal zichtbaar zijn. Deze ontbreken. Het Jiddisch ontwikkelde zich uit het Middelhoogduits, gemengd met Hebreeuws en Slavische invloeden, wat Europese wortels bevestigt.