
Uit presentatie Vissersbond op basis van plannen LVVN/RWS ‘Viswad’
Het krimpen van de garnalenvloot dit jaar met een derde voor dik 40 miljoen euro sloopsubsidies, wordt door LVVN niet gebruikt om de rest meer kansen te geven. LVVN-ambtenarij ziet daarmee een kans om juist meer visgebied te sluiten in de Waddenzee voor ‘Viswad’. Dat blijkt uit kaartjes die de Vissersbond liet zien voor haar leden.
Complete nieuwe paarse gebieden – Zone III-staan hier op de rol om ook van vissers afgepakt te worden. Dat komt de ambtenarij extra handig uit, wanneer ze de kabeltracés voor windturbines door de Waddenzee willen ‘compenseren’, zoals het Rotterdams Havenbedrijf de Tweede Maasvlakte mocht compenseren ten koste van vissers op de Zuid.

Wat draagt dit bij aan ‘herstel aangetaste natuurwaarden’?
‘Herstel van aangetaste natuurwaarden’
De redenatie vanuit het ministerie voor de sloopsubsidies kan zijn, dat een kleinere vloot bij nog minder visgebied niet hoeft te postzegelvissen. Terwijl die gebiedssluitingen problematischer zouden zijn, wanneer de hele vloot er nog was. Want dan moeten meer vissers met nog minder visgebied hun vangst bijeen vissen.
Wie het advies vorig jaar van Tammo Bult had gelezen over de ’toekomstvisie garnalenvisserij 2035′ verbaast deze redenatie niet. Het beperken van visuren en sanenering werden daar in één adem genoemd met ‘herstel van aangetaste natuurwaarden’ in de Waddenzee:
Het maken van langjarige afspraken is nodig om perspectief te kunnen bieden aan zowel de garnalenvisser als te komen tot herstel van de aangetaste beschermde natuurwaarden. Al eerder hebben we vastgesteld dat duidelijkheid en zekerheid voor een periode van 10 jaar door alle partijen aan tafel wordt verwelkomd.
Terwijl nergens staat gekwantificeerd wat die ‘aangetaste natuurwaarden’ zijn, en wat het oorzakelijk verband zou zijn met visserij. Ook zou een deel van de sanering betaald worden met 15 miljoen euro uit het Waddenfonds: dus, ze leggen de koppeling tussen ‘weg met visserij’ en ‘natuurherstel’.

Uit de gelekte notitie van de Adviescommissie Bult
Waar het om draait is dat Bult met LVVN, Rijkswaterstaat ‘herstel van natuur’ op één hoop gooien met ‘krimp visserij’, alsof beide een oorzakelijk verband vertonen. Sluitingspercentages van 30 procent visgebied werden daar genoemd, als “koppeling met de Europese Natuurherstelwet’. Dat is conform de wensen van door de overheid jaarlijks met tientallen miljoenen euro’s gesponsorde milieuclubs als Natuurmonumenten, die eigenlijk een schaduwoverheid zijn.
Natuurmonumenten wil dus dat gebied wordt gesloten dat niet van hen is. Maar dat onder beheer staat van Rijkswaterstaat. Bij Rijkswaterstaat kwamen ambtenaren te werken die afkomstig zijn van milieuclubs, zoals de Waddenvereniging. Kortom: de krimp van de vloot wordt door LVVN gebruikt om meer gebiedssluiting door te kunnen drukken, in plaats van te zorgen dat de resterende vloot meer gebied en kansen krijgt.

Het trauma van de visserij herhaalt zich, een derde van de garnalenvloot wordt dit jaar gesloopt
Mr Matig Ongunstig
Tammo Bult levert kortom precies, wat hij al eerder voorschreef met zijn ‘adviescommissie toekomst garnalenvisserij’, die hij beter ‘adviescommissie kasspekken milieuclubs’ kon noemen. We konden in zijn concept-advies namelijk al lezen:
Nationale opkoopregeling (€48,5 MIO) wordt aangevuld met €15 MIO (?) vanuit het Waddenfonds. De nationale opkoopregeling bepaalt het tempo van dit voorstel. Het is daarom van belang dat de opkoopregeling zo snel mogelijk ‘open gaat’.
Met elke GK en GV vergunning die via deze regeling de visserij verlaat wordt bij het ingaan van periode 2 en periode 3 aanvullende zonering doorgevoerd. Hierbij geldt wel dat op 1 januari 2030 er sprake is van minimaal 30% sluiting in alle N2000 gebieden langs de Nederlandse kust.
Conclusie: vlootkrimp is voor LVVN-ambtenarij (Peter van Velsen, Vincent van der Meij, Donne Slangen) het zelfde als ‘natuurherstel’, en ‘natuurherstel’ is voor deze ambtenarij (en hun maatjes bij Groen Linkse clubjes) het zelfde als rewilding/cultuurvernietiging. Het gaat dus opnieuw als vanouds bij LVVN, in de dik vijftien jaar dat ik op dit dossier zit hoef je niet op enig redelijk argument te wachten.
- Je hebt te maken met mensen bij LVVN/RWS en hun milieuclubjes, wiens baan afhangt van de perceptie dat het slecht met de natuur moet blijven gaan. Anders waren ze overbodig. Terwijl vissers wel varen wanneer het GOED gaat met de natuur. Want dan kunnen ze meer oogsten.

Zo kwam de Zwarte Zee-eend Natura 2000 in fietsen
De Mr Matig Ongunstig van LVVN Vincent van der Meij plakte in 2011 een ‘matig ongunstig’ oordeel op de Noordzeekustzone, als projectleider Natura 2000. Daardoor maakten die ambtenaren een ‘verbeterdoel’ mogelijk, versmald tot ‘pak vissers visgebied af’: VIBEG, ging dat heten. Plots zou een uit het buitenland afkomstige wintergast, de Zwarte Zee-eend allerlei gebiedssluitingen rechtvaardigen.
Die zelfde ambtenaar zit er nog steeds. Dus blijf er op hameren, help mij het agenderen: deze ambtenaren moeten weggesaneerd worden, anders is er in 2030 alleen nog werkgelegenheid voor ambtenarij en juristen.
Je kunt contra-expertise maken, de meest redelijke argumenten geven: ze doen bloemkooltjes in de oren, en de Raad van State geeft ze bij procedures uiteindelijk toch wel gelijk. Zij mogen met het voorzorgprincipe in de hand de bewijslast omkeren, jij moet 100 procent zekerheid geven dat er niet een schelpje of vogeltje van de leg zal raken.

Bodemberoering Noordzeekustzone en Wadden voor kabels
Terwijl ze tegelijk enorme kabels voor windturbines dwars door die Waddenzee graven. Daar is die gebiedssluiting ten koste van vissers dus waarschijnlijk ook handig voor: als compensatie. Zo compenseren ze immers ook de Tweede Maasvlakte die het Rotterdams Havenbedrijf aanlegde, door visgebied van vissers in De Zuid af te pakken.
Je snapt dus wel dat een groot deel van de vloot er moegestreden het bijltje bij neergooit. IN Nederland is op korte termijn alleen nog toekomst voor ambtenaren en juristen, mensen die het geld opmaken voor het kapot reguleren van productieve economie. Niet voor de mensen die het geld verdienen en die aan de voedselvoorziening bij dragen.