De Kruistochten tegen Drenthe (1227), weet u nog?

De Drentse prairie

Dankzij het proefschrift van H Th M Lambooy (2008) Sibrandus Leo en zijn Abtenkronieken van de Friese Premonstrantenzerkloosters, ‘ontdekten’ we dat de Utrechtse bisschop Otto II (1215-1227) de Kruistocht beval tegen de Drenten. Die veldtocht onder prediking van het kruis liep verwoestend af voor zijn legers, want de Drentse krijgers lokten zijn strijders in de val in het zompige veenland van Drenthe. 

Verboden zone broos vaatwerk (Drents Landschap)

Dat beschrijft de Abt Sibrandus Leo in 1572, wanneer hij de geschiedenis opstelt van de abten (leiders, letterlijk ‘vaders’) van de Friese kloosters van de orde die ook wel ‘Norbertijnen’ heet. Die monniken droegen het witte gewaad, naar de witte gewaden van de uitverkorenen in het Bijbelboek Openbaringen.

Het plaatsje ‘Wittewierum’- waar Klooster Bloemhof stond van de Norbertijnen is naar die witte pijen vernoemd.

Het Drentse moeras

Die kronieken van Sibrandus Leo zijn opgesteld in het Latijn, maar ook vertaald weergegeven. Het proefschrift van Lambooy poogt iets kritisch te vinden in zijn schrijfwijze, om daar op te promoveren. Dat is vooralsnog minder interessant dan wat de abt in 1572 zelf schrijft.

Die kronieken zijn als bijlagen in het boek opgenomen als ‘tekst A’ en ‘tekst B’, waarvan we B citeren, over de kruistocht in Drenthe in de vroege 13de eeuw: (blz 407)

In zijn dagen gebeurde het ook dat het leger van de Utrechtse bisschop Otto, uit de beroemde grafelijke familie van Lippe (kwam Bernhard ook vandaan RZ), en gedenkwaardige nederlaag leed.

Deze bisschop had namelijk ter verdediging van het kerkelijk recht tot behoud van de tienden in Drenthe en Twente, wier bewoners deze gelden weigerden af te dragen aan de genoemde bisschop, een leger bijeengebracht en was met hen in een gerechtvaardigde strijd verwikkeld geraakt;

maar hij werd door hen overweldigd en met al de zijnen verpletterend verslagen. Nadat daarop in zijn plaats Otto’s opvolger als bisschop deze kwestie met zijn vijanden tot een goed einde had gebracht, verordonneerd deze, dat de Drenten uit eigen middelen een vrouwenklooster, Assen genaamd, zouden bouwen en dit voorzien van bijbehorende landerijen en jaarlijkse inkomsten.

Maar Ulbrand, kannunik van Hildesheim en broer van de graaf van Oldenburg, die Otto in zijn bisschopsambt was opgevolgd, besloot, omdat hij de slachting wenste te wreken, op een vergadering van alle kerkelijke leiders en standen de strijd weer op te pakken, daarmee een manier zoekend om de vermetelheid van de Drenten te wreken en het kerkelijk recht te verdedigen;

…en hij beval een kruistocht tegen hen te prediken, hoewel de meningen daarover verdeeld waren,aangezien niet iedereen even verbitterd was op zijn vijanden, noch hem bevriend.

De Drentse prairie

Desondanks werd besloten het kruis te prediken, opdat de Drenten uit angst daarvoor zouden intomen en hun nek buigen voor het kerkelijk gezag. De Drenten echter, zeer overmoedig geworden door de eerder toegebrachte nederlaag, gingen onder leiding van Rudolf, de kastelein van Coevorden, en de forsgebouwde hertog Heijno met een in slagorde geschaard leger de bisschop tegemoet.

Midden in het gevecht pasten de Drenten een krijgslist toe: ze deden alsof ze zich terugtrokken en lokten zo hun vijanden die hen driest achtervolgden, naar zeer moerassige plekken, vol modder en zuigende blubber. Hier werden de troepen van de bisschop door de Drentse vijand omsingeld, gevangen genomen als in ontwarbare netten en strikken, en op ellendige wijze afgeslacht.

Woeste Gronden/kwetsbaar broos vaatwerk

In dit treffen verloor Abt Sibrand zijn grootste vrind Hessel, deken van Oostergo (dat is oostelijk Friesland RZ), een beroemd man. Hij werd door een onbekende vijand gevangen genomen, maar werd, toen hij een grote hoeveelheid goud uitloofde en toezegde als losgeld, door een vijand van achteren bedreigd die hem meteen stok zijn hersenpan insloeg, hem daarbij toeroepend:

‘Nu krijgen we allemaal een gelijk deel van jou.’

Zijn lijk werd naar het klooster overgebracht en daar begraven. Rudolf en Heijno werden later gevangen genomen (…blijkbaar won de bisschop uiteindelijk toch RZ), onthoofd, op het rad gelegd en aan de vogels ten prooi gelaten. Zo ondergingen zij de verdiende straf voor hun trouweloosheid.

Raven waren altijd aaseters op slagvelden

Die vogels zullen waarschijnlijk raven zijn geweest, die nu ook weer in het Drentse landschap terugkeren. Het woeste zompieland, waar de Drenten de kruisridders van de bisschop in de val lokten, dat heet nu ‘kwetsbaar broosvaatwerk-gebied verboden!’.

Gang naar vogelhut

Het Hijkerveld

Truusje

Het puntje is de vogelhut

We bezochten daar het Hijkerveld tussen Hoogsmilde en Oranje, met een wel zeer wonderlijke vogelbunker, die je via een lange wandelgang kunt bereiken. Dat Hijkerveld is de lozingsput van een oude aardappelmeel-fabriek. Toen die haar voedselrijke afvalwater nog loosde wemelde het er van de watervogels.

Trudy!

Nu het Drentse landschap haar verschralingsbeleid voert, tref je er vooral vogelaars met teletoeters. Die wachten dan bij een speciaal opgestelde tak in het water tot er bijvoorbeeld een visarend op landt. En dan hoor je trrrrrrrrrrrr.

  • Opdatering: dankzij IT-lezer Jan Rein de Wit weten we nu dat uitgebreide historische verhalen zijn geschreven over wat ‘De Slag bij de Ane’ van 1227 werd op www.dorpshistorie.nl. Een verslag van de landschapshistorie rond de slag kun je nu HIER opladen als pdf. Dank, Jan Rein!

4 Replies to “De Kruistochten tegen Drenthe (1227), weet u nog?”

  1. Otto is verslagen in de slag bij Ane. Dat ligt bij Coevorden .
    Het klooster van Maria In Campis moest daar ook gebouwd worden maar het was te nat en gingen ze dus naar Assen toe en bouwden daar hun klooster
    De vloeivelden zijn al 40 jaar in beheer bij het Drents Landschap

  2. Dat Hijkerveld is de lozingsput van een oude aardappelmeel-fabriek. Toen die haar voedselrijke afvalwater nog loosde wemelde het er van de watervogels.

    Bovenstaande klopt in zoverre dat de aanwezige watervogels in mijn herinnering hoofdzakelijk meeuwen waren.
    Als kinderen van ca.12 – 13 jaar,en in die omgeving geboren, kwamen wij daar wel eens,het stonk er vanwege allerlei rottingsprocessen en ons jargon noemden wij het dan ook de stinkmeren.Er dreven ook stengels van de aardappelplant in het meer en die dreven door de wind naar de oever.Na verloop van tijd was die laag zo dik dat de vogels er nesten op konden bouwen en wat één van er toe aanzette om die nesten te gaan “bezoeken”.
    Ver kwam hij niet en zakte er na 1.5 meter er doorheen en stond tot over z’n middel in de rottende aardappelstengels en het resultaat kun je raden. Allemaal nostalgie dus.

  3. Er is weinig veranderd sindsdien bij het belasten van de medemens zogenaamd “in godsnaam”. De kerk-staat functioneert nog altijd met haar Inquisitie. Die tienden (waar over gesproken in oude teksten) heeft overigens betrekking op het opgeven van de mens van zijn “lage verdeelde denken” om te komen tot zijn “hogere hele denken”, van de linkerhersenhelft naar de creatieve heeldenkende rechter. Van de dierlijke natuur naar de goddelijke natuur.

  4. Hoi Rypke,
    Het is me allemaal wat he?
    Kende je de geschiedenis van de Stedingers al? Zoek maar eens op. Dat was in Friesland. Daar is in het jaar 1234 ook zo een strafexpeditie tegen ‘ongelovigen’ geweest. Zeer leuk om te lezen. Zelfs graaf Egmond speelt een rol. Ik zeg zelfs omdat ik het plaatsje Egmond aan de zee zo leuk vind. Tja, jongen, als men weigerde te betalen aan de machthebbers, dan zijn ze nog niet klaar met je. Dan komen ze je wel even overtuigen om toch maar niet eigenwijs te zijn. En dan komen de kwajongens die complete steden veroverd hebben in beeld. Die spelen dan voor politie. Een soort m.e. Die doen het zware werk voor de ‘witte-borden’ zeg maar.

Laat een reactie achter aan Raphaël Antwoord annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *